Locatie: Oesterdam
Fotograaf: Niek
Actie door: Paul
Camera: Canon Powershot S30
Move: Helicopter tack
Voorbereiding: Deze move kan je prima leren op een grote plank, met een klein zeil. Lukt dat, doe het dan op je normale setje, met weinig wind, niet planerend. Met wat meer wind wordt deze move namelijk heel wat moeilijker. Dus eerst met weinig wind, daarna net planerend, en tenslotte met storm.... Een plank met meer dan 100 liter en een zeiltje van rond de 5.8 is het makkelijkst. Net achter de vlaag op een vlak stukje water.
Problemen:
-Op het moment dat je plank tegen de wind in wijst val je. Waarschijnlijk ben je
te laat naar voor gestapt met je voeten, waardoor de tail wegzinkt en alles erg
onstabiel wordt. Probeer eerder naar voor te stappen, en met je gewicht meer
boven de mastvoet te brengen.
-Op het moment dat je het zeil tegen de wind in brengt val je. Of je duwt tegen
je zeilhand tijdens het naar voor brengen, of je zeil staat te rechtop als je
back wind staat. Zie hiervoor foto 5.
-Al ik backwind sta en ik breng het zeil naar de punt van de plank om de plank
meer af te laten vallen, val ik (er) zelf af. Hou het zeil verder van je af,
strek je mast arm (zie foto 5)
-Op het moment dat ik mijn zeil doordraai aan het einde van de move en ik de
nieuwe kant van de giek wil pakken, waait het zeil uit mijn handen. Probeer de
mast dichter bij je te houden tijdens deze laatste fase.
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| Vaar halve wind, handen wat verder uit elkaar. Haak uit. Haal je achterste voet uit de voetband, zet hem net achter je voorste voet. | Oploeven, door je zeil naar achter te brengen en je gewicht op je hakken te brengen. Breng behalve je gewicht naar buiten, je gewicht ook iets naar voor, anders zinkt je plank weg. | Hoe meer je tegen de wind in vaart, hoe minder druk in je zeil, dus hoe minder je naar buiten kan hangen. Als je bijna tegen de wind in bent zet je de voorste voet net voor de mast. Blijf oploeven door je zeil naar achter te houden, je zeil over je de achter kant van je plank te trekken en je hiel van je achterste voet te belasten. | Zet nu de achterste voet naar voor, net voor de voorste voetband. Het makkelijkst is het om op te loeven tot je plank net iets door de wind is. Dan ga je je zeil, ZONDER DRUK, naar de voorkant van de plank brengen. Dus niet tegen je achterste hand duwen!!! | Het drukpunt in het zeil, moet voor je draai punt van de plank zijn, dan kan je pas afvallen. Dus trapeze touwtjes voor de mastvoet. Dan pas mag je tegen je zeilhand duwen, waardoor je druk in je zeil krijgt en je afvalt. Duw je te vroeg tegen je zeilhand(zeil nog niet vergenoeg naar voor), dan zal je plank niet door de wind draaien, maar terug draaien. Dus eerst zeil naar voor, dan met de zeilhand duwen, zodat er druk in komt, dan nog wat meer richting de neus van de plank (mastarm strekken), waardoor je plank afvalt. | Als je plank door de wind is gedraaid (en op een aan de windse koers ligt), duw je je zeil met je zeilhand verder door de wind. Je masthand hou je dicht bij je. Net zo lang duwen tot de wind weer aan de andere kant in je zeil komt. Als de wind er aan de andere kant in komt strek je je zeilhand en trek je je mast arm naar je toe. Dan kan je je zeilhand loslaten. Let op dat je mast dicht bij je lichaam is, en de masthand op de giek, zo dicht mogelijk bij de mast. Alleen zo kan je het zeil houden. | Nieuwe masthand overpakken naar de andere kant van de giek (of zoals Paul hier doet, eerst nog even de mast pakken) | En verder varen. |